fbpx
robintoesschool_high.jpg

Laten we elkaar wat minder straffen Plaats een reactie

Advertentie
Advertentie


robintoesschool_high
We hebben een nieuwe gloeilamp in huis. Hij is vijf jaar en hij zit vol trots te glimmen op de bank omdat hij zojuist zijn broertje van drie naar school heeft gebracht.
Het was zo’n typische ochtend waarop de planning in het honderd liep. We hebben de auto een weekje uitgeleend, mijn vrouw moest even weg, mijn oudste heeft studiedag en ik zou de jongste naar school brengen. Als een geoliede machine, ware het niet dat ik een sms kreeg van de Albert Heijn dat de boodschappen die we besteld hadden (first world problems) over een kwartier op de stoep zouden staan. Uiteraard precies op het moment dat de jongste naar school moest. En inderdaad, de timing was feilloos. Snel afhandelen was geen optie, want het pinapparaat werkte niet.
Glimmend van trots
Ik keek naar de school, die letterlijk op vijf meter afstand staat van ons huis. Ik vroeg mijn zoontje of hij het aan zou durven om zijn broertje naar school te brengen. Vijf meter, en toch vond ik het doodeng. Ik heb ze nagekeken tot ze het hek van de school binnen waren en ondertussen snel de school gebeld dat ze eraan kwamen en aan de lijn gebleven tot ze binnen waren. Deels vind ik dat overbezorgd, maar tegelijkertijd is het 2016 en is één seconde genoeg om je kind kwijt te raken.
Tien minuten later was hij terug, glimmend van trots. Ik heb hem een dikke knuffel gegeven en hem verteld hoe ongelooflijk trots ik op hem was. Terwijl ik de boodschappen uitruimde herhaalde ik dat nog vier keer. Vanuit de keuken kon ik aan zijn oren zien hoe breed zijn glimlach was. Een half uurtje later zat hij boven op mijn kantoor op de bank (door hem omgedoopt tot de Game Room) voor een PlayStation-date met zijn moeder.
Papa de butler
‘Goedemorgen meneer, welkom in de Game Room’ begroette ik hem. Hij giechelde. ‘Zou ik u misschien ergens mee kunnen helpen? Iets eten? Iets drinken?’ Chips en limonade vroeg hij. ‘Meneer,’ antwoordde ik, ‘het is kwart voor tien in de ochtend, dat kan eigenlijk echt niet, maar ik heb begrepen dat u een zeer goede daad hebt gedaan vandaag en dat men u ontzettend kan vertrouwen. Daarom ga ik voor u chips regelen meneer. Anders nog iets?’
Ik had moeite om mijn lach in te houden door zijn combinatie van trots en onvermogen om te gaan met zijn vader die raar deed, want chips in de ochtend, dat mag nooit. Wat hij vervolgens deed verbaasde me. Hij bestelde een koffie voor zijn moeder, en besloot dat hij zijn chips met haar wilde delen. Mijn zoontje is vijf en zit in de beroemde egoïstische fase. Hij is altijd bang dat hij iets tekort komt en delen vindt hij moeilijk. Hoe bozer en meer teleurgesteld we daarop reageren, hoe erger het lijkt te worden. Maar vandaag, nu hij zich even de koning van de wereld voelt, omdat hij iets heel goeds en verantwoordelijks heeft gedaan, deelt hij zonder te vragen en bestelt hij een koffie voor zijn moeder.
Negativiteit leidt tot negativiteit
Na vijf jaar weet ik nog steeds niets van kinderen opvoeden en na 37 jaar snap ik de wereld nog steeds niet helemaal. Wat ik wel steeds vaker merk, is dat de lessen die ik leer van mijn kinderen, vrijwel altijd toepasbaar zijn op volwassenen. Negativiteit leidt tot negativiteit, kwaadheid leidt tot kwaadheid en positiviteit brengt positiviteit. Ineens dacht ik terug aan mijn tijd bij de TROS, waar ik een hele strenge werkgever had. Als hij me neersabelde (zelfs al was dat terecht) kwam er een week niets meer uit mijn handen, maar vanaf het moment dat hij besloot om de positieve punten te gaan benoemen en de nadruk te leggen op wat ik goed deed in plaats van fout, steeg ik boven mezelf uit, liep ik tien keer harder, en ging ik als vanzelf kritischer kijken naar mijn werk om te zien wat ik nóg meer kon verbeteren. Want ik voelde me goed over mezelf en mijn werk, en dat wilde ik vasthouden.
Hij zit nog steeds schuin hiertegenover me op de bank, onze gloeilamp en hij werpt me af en toe een trotse glimlach, die ik beantwoord met een glimlach en een knipoog. Het is goed om kritisch te zijn, het is goed dat er straf bestaat als antwoord op de dingen die echt niet door de beugel kunnen.
Maar of het nu om kinderen gaat of om volwassenen, om niet luisteren naar je ouders of naar elkaar, om je broertje pesten of om ruzie maken om zwarte Piet, laten we elkaar iets minder straffen. Laten we de nadruk leggen op wat een ander goed doet en dat vooral ook uitspreken. Voor je het weet bestelt iemand een koffie voor je en worden er chipjes met je gedeeld.
Stel je eens voor, een wereld vol gloeilampjes, hoe gezellig zou dát zijn?